|
Gelijke monniken, gelijke kappen verschenen in GayKrant 28-1-05 Toenadering tussen homoseksuele christenen en de bewakers van de orthodoxe leer is natuurlijk alleen maar toe te juichen. De gesprekken verlopen oneerlijk, vindt Maarten van den Driest, homo en christen. Een werkelijke ontmoeting kan alleen maar plaatsvinden op gelijk niveau. Ik ben homoseksueel. Ik ben christen. Ik ben er blij met deze situatie en ervaar absoluut geen wrijving tussen deze twee kanten van mijzelf. In mijn eigen kerk hoef ik geen gevecht om erkenning te voeren. Homo’s en lesbiennes in orthodoxe kringen hebben het vrijwel nooit zo makkelijk en zo heel orthodox hoeven die dan niet eens te zijn. Over homoseksualiteit wordt in veel kerken voornamelijk erg schijnheilig gedaan. Her en der worden af en toe zogenaamd gesprekken gevoerd, termen als ‘respect’ en ‘begrip’ vliegen in het rond maar het is mij te weinig. Te weinig en te laat. Dit soort begrip is in de praktijk maar heel weinig waard. Of we hebben respect voor elkaar en praten écht of we doen het gewoon niet. Er is wat mij betreft maar één soort gesprek mogelijk en dat is het gesprek van mens tot mens, op gelijk niveau. Eigenlijk zouden excuses voor de schandalige behandeling die homo’s en lesbiennes hebben gehad (en soms nog krijgen!) ook wel eens op zijn plaats zijn. Het is echter nog belangrijker dat orthodoxe christenen van hun eigengemaakte voetstuk afkomen en met hun homo-broeders en –zusters praten in plaats van over hen. “Maar geloof jij dan niet in het Woord van God?”, wordt mij soms verbaasd gevraagd als ik mijn overtuigingen duidelijk maak in orthodoxe kringen. Het oneerlijke aan deze vraag is dat je eerst een soort examen moet doen en blijkbaar je overtuigingen langs de maatstaf van andermans ideeën moet leggen. Het is oneerlijk omdat de vraagsteller eist dat het gesprek alleen op zijn voorwaarden wordt gevoerd. Je kunt geen discussie over de kwaliteit van het eten van een fastfoodketen voeren als je gedwongen wordt eerst hun reclamefolders te geloven. Om deze reden denk ik dat het zinloos is te proberen te bewijzen dat de letterlijke bijbelteksten homoseksualiteit niet verbieden. Op Internet staan tientallen sites met uitleg over de Griekse en Hebreeuwse woorden, historisch-culturele context en zo voort. Als we erbij willen horen heeft dat absoluut geen zin. Het blijft smeken om acceptatie en dat hoeft helemaal niet. Hele boekenkasten zogenaamde discussie verzanden in oeverloze scherpslijperij over losse bijbelverzen. Het is echter een feit dat homoseksualiteit zoals wij het kennen op geen enkele pagina in de Bijbel voorkomt. Waarom dus al die moeite? Het christendom zelf is geen probleem en kan ons juist helpen. Christelijke normen en waarden als integriteit en eerlijkheid hoeven alleen maar de ruimte te krijgen. Is het integer om te beweren dat mensen die het niet met je eens zijn maar gewoon veel moeten bidden? Is het eerlijk om God voor het karretje van je eigen vooroordelen te spannen en dan net te doen of je handen gebonden zijn? Ik weet wel zeker van niet. Het grote probleem is onwil en een gebrek aan inlevingsvermogen. Het is hard maar het is niet anders en het moet toch eens gezegd. Homoseksualiteit zelf is geen probleem en kan ons juist helpen. Homoseksuelen weten hoe het is om anders te zijn, niet automatisch erbij te horen of ‘normaal’ te zijn. Dit is een waardevolle les die homo’s en lesbiennes de geloofsgemeenschappen te bieden hebben. Je oren sluiten voor de stem van een ander is geen christelijke deugd en religie is niet bedoeld als bevestiging van de traditie. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat christenen gedwongen zouden zijn om alles maar te accepteren. Er zijn grote vraagtekens te stellen bij extreme promiscuďteit, bij liefdeloze seks en prostitutie. Dit zijn echter geen specifiek homoseksuele kwesties en ze hebben met de kern van de zaak niks te maken. Orthodoxe Christenen hebben het altijd veel te makkelijk gehad. Zij hadden het gelijk en wij vroegen om ruimte, zij vertegenwoordigden het Ware Geloof en wij probeerden het aan te tasten. Laat het voor eens en altijd gezegd zijn: hier klopt niets van! Het Geloof der Vaderen is vaak niks anders geweest dan het geloof-van-vader en is meestal niet eens zo oud. De waardigheid van de Bijbel wordt alleen maar geweld aangedaan door de mensen die van te voren al weten wat de teksten ons wel en niet kunnen zeggen. Jezus’ boodschap is ondergesneeuwd door zelfbedachte dogma’s of zelfs door absolute onzin. Doe er een strenge zwarte toga omheen of een prachtig misgewaad en het lijkt nog heel wat maar uiteindelijk helpt dat niet. Autoriteit heeft lang niet altijd meteen gelijk, waarom zou dat ook? Openheid helpt het best, een soort ‘glasnost’ voor het Christendom. Op gelijk niveau met elkaar praten, van mens tot mens, is de enige manier om echt nader tot elkaar te komen. ‘Gelijke monniken, gelijke kappen’ is een toepasselijk devies. Wij moeten onze ideeën verantwoorden, zij hun overtuigingen ook. Eerst moet alle onzin eraf, aangekoekte dogma’s verwijderd, pas daarna kan een goed gesprek tot stand komen en krijgt het levende geloof dat plaats biedt aan allen een kans. Het is nodig dat er eens toegegeven wordt dat de Bijbel niet letterlijk onfeilbaar is want dat is gewoon niet zo. Het is belangrijk dat geen enkele kerk, geen enkel mens de waarheid in pacht heeft want dat is gewoon niet zo. Niet elke medaille heeft twee kanten, de waarheid ligt vaak niet in het midden en het geloof is sterk genoeg om op zichzelf te staan, zonder dogmatische zijwieltjes. Geloofstaal en geloofsbeelden zijn misschien dierbaar maar lang niet altijd duidelijk of zelfs nuttig. Op zich is dat niet erg maar als we andere mensen willen overtuigen moeten we uitleggen wat we bedoelen. Als we het niet kunnen uitleggen snappen we het waarschijnlijk zelf niet eens. Om het nog mooier te maken: uitspraken over geloof hebben ook nog eens consequenties. Beweren dat je Jezus’ directe plaatsvervanger bent is best maar dan moet je ook toegeven dat jouw organisatie dat gewoon zelf heeft bedacht. Het klinkt vroom om te zeggen dat God almachtig is maar wat betekent dat? Homoseksualiteit kan misschien ‘tegen de natuur’ zijn maar wat wil dat zeggen? Niet alleen heeft Paulus beweerd dat mannen met lang haar tegennatuurlijk zijn, vrijwel alles wat we doen en zijn is onnatuurlijk, zeker religie. Geen enkele kangaroe bidt ooit. Er zijn wel apen die seks hebben bij wijze van begroeting maar voor dit soort zeer natuurlijk gedrag hoor ik nooit iemand pleiten. Je moet er niet aan denken maar als we zo nodig natuurlijk moeten doen dan kan dat. Beeldspraak is best maar het is wel beeldspraak. Een prachtige oude term als ‘God’s wil’ is een verwoording van onze menselijke pogingen iets heel bijzonders te begrijpen en is zeker niet bedoeld om mensen die anders denken mee om te oren te slaan. Het heeft geen enkele zin om door te praten voordat er twee dingen afgesproken worden. Ten eerste praten we alleen met elkaar op gelijk niveau, zonder gratis autoriteit voor wie dan ook. Ten tweede mag niemand zich verschuilen achter wollige oude termen zonder uit te leggen wat daarmee bedoeld worden en daar de consequenties van voor lief te nemen. Alleen dan heeft het zin om toenadering te zoeken en anders valt een behoorlijk gesprek gewoon niet te voeren.. --- Op dit artikel is nog geen commentaar binnengekomen. Wil je iets zeggen? Ga naar de Postbus. |
|
|